Datum: 04-02-2026

Er gaat veel geld naar defensie in het coalitieakkoord van D66, VVD en CDA. Heel veel geld. Nooit eerder gingen er in één kabinetsperiode zoveel miljarden naartoe. Niet voor niets: de geopolitieke spanningen lopen op en Nederland moet daar iets mee. Ook in de ruimtelijke inrichting. Over de vraag hoe architectuur en ruimtelijk ontwerp kunnen bijdragen aan een weerbare samenleving, organiseerde AORTA op 28 januari een drukbezochte bijeenkomst.

Door: Edwin Lucas

De timing kon niet beter. Twee dagen na de bijeenkomst kwamen de drie coalitiepartijen met hun coalitieakkoord, dat een echte trendbreuk laat zien. ‘Na de val van de Berlijnse Muur hebben we dertig jaar niet of nauwelijks in defensie geïnvesteerd,’ zegt rijksbouwmeester Francesco Veenstra aan het eind van de bijeenkomst. ‘Er is vooral bezuinigd. Maar de komende jaren zullen we, of we dat nu leuk vinden of niet, offers moeten brengen. De kunst is dan om die investeringen te combineren met de sociaal-maatschappelijke opgave.’

Dat is waar deze bijeenkomst over gaat. En de Inspiratiekaart Defensie & Maatschappij kan daarbij behulpzaam zijn. Veenstra krijgt die kaart, gemaakt door H+N+S Landschapsarchitecten op basis van eerdere bijeenkomsten van het Amsterdamse architectuurcentrum ARCAM, AORTA Utrecht en FASadE Amersfoort, van onderzoeker en landschapsarchitect Pim Kupers van H+N+S. Kupers laat zien dat Defensie al eeuwenlang aanwezig is in Nederland en een (soms fraai) stempel op het landschap heeft gedrukt, zoals met de monumentale waterlinies.

Overhandiging van Inspiratiekaart aan Ivonne Vliek (Veiligheidsregio Utrecht, 3e van links) en Francesco Veenstra (Rijksbouwmeester, 2e van rechts) – Foto: Lize Kraan

Dat biedt perspectief. In de beste Nederlandse traditie, waarin deelbelangen intelligent worden gecombineerd, laat de Inspiratiekaart de koppelkansen zien tussen ruimtelijke interventies voor Defensie en ontwikkellocaties en ruimtebehoefte uit de recente Nota Ruimte (2025). Wie denkt dat de ruimtebehoefte van Defensie per definitie andere belangen in de weg zit, kan dat beeld dus meteen bijstellen. Ontwerpend onderzoek van H+N+S brengt bijvoorbeeld in beeld dat investeringen voor Defensie zomaar schot zouden kunnen brengen in de noodzakelijke herstructurering van verkeersknooppunt Hoevelaken. Of van de zeehaven Amsterdam. En omdat een oefenterrein van Defensie óók vaak een natuurgebied is, biedt ook dat weer kansen. Een geplande kazerne in Zeewolde zou (mits goed ontworpen) zelfs de ontbrekende schakel kunnen zijn in een bestaande ecologische verbindingszone.

“Investeren in Defensie is investeren in een weerbare maatschappij, maar het omgekeerde is ook waar: investeren in de maatschappij is investeren in Defensie”.

Fransesco Veenstra, Rijksbouwmeester

Veenstra neemt de suggesties ter harte. Je kunt, zo zegt hij, de groeiende belangen van Defensie blijkbaar een plek geven in Nederland én tegelijk de ruimte verder verantwoord ontwikkelen. ‘Investeren in Defensie is investeren in een weerbare maatschappij’, zegt hij, ‘maar het omgekeerde is ook waar: investeren in de maatschappij is investeren in Defensie. Meer dan ooit zullen we moeten zoeken naar koppelkansen.’

Nanne Brouwer (De Toekomstfabriek), Obaid Salem en Anneloes de Koff (Studio Antidote) – Foto: Lize Kraan

Geopolitiek in de Metropool

De avond van AORTA is de slotbijeenkomst van de serie Geopolitiek in de Metropool, vanaf oktober georganiseerd door onder andere FASadE, ARCAM en ABC Architectuurcentrum Haarlem. Bijeenkomsten in Amersfoort, Amsterdam en Haarlem hebben interessante inzichten opgeleverd, vat Indira van ’t Klooster (ARCAM) samen. Zoals deze: ‘Anders dan ruimtelijk ontwerpers blijkt Defensie goed te zijn in het omgaan met onzekerheden en dreiging. Omgekeerd kan Defensie leren van ontwerpers als het gaat om meedenken, inspraak en participatie.’

In Utrecht verkennen de aanwezigen – bewoners, ontwerpers, belangstellenden – zelf de kansen voor een concreet, ruimtelijk antwoord op de geopolitieke dreiging. Dat kan bijvoorbeeld door noodsteunpunten in te richten. Ivonne Vliek, programmaleider Veerkracht van de Veiligheidsregio Utrecht, licht toe dat de opbouw van een netwerk van die noodsteunpunten de komende jaren moet voorzien in noodzakelijke hulp en opvang als er een crisissituatie uitbreekt.

Michelle Gulickx van AORTA – Foto: Lize Kraan

De vraag is dan: Hoe zorgen we voor locaties die werken? Waarin mensen vertrouwen hebben, waar ze naartoe kunnen? Wat kunnen we bijvoorbeeld leren van vluchtelingen die in een tijdelijke opvang wonen? Het antwoord op die vragen komt van diverse voorbeelden en inspiratiebronnen, zoals De Wachtkamer (Studio Antidote), een ontwerpend onderzoek naar betere omstandigheden in asielzoekerscentra, en Smart Urban Mix (Wesley Verhoeven), een idee om in één gebouw verschillende functies onder te brengen, van wonen tot winkelen en werken.

“Ontwerp niets. ‘Do not design.’ Zet de omstandigheden slim naar je hand, dat werkt beter.”

Pavlo Gorokhovskyi, Ukraine – the Netherlands Urban Network

Indrukwekkend zijn de voorbeelden uit Oekraïne. Pavlo Gorokhovskyi, bestuurslid bij Ukraine – the Netherlands Urban Network (UNUN) en architect in het Atelier Rijksbouwmeester, laat zien hoe zijn land is bedekt met zo’n vijftienduizend ‘onoverwinnelijkheidspunten’, eenvoudige, goedkoop gemaakte steunpunten waar mensen in noodsituaties terecht kunnen. Goede raad van Gorokhovskyi: ontwerp niets. ‘Do not design.’ Zet de omstandigheden slim naar je hand, dat werkt beter. ‘Design’ is dan ook niet aan de orde als de aanwezigen in kleine groepen de kansen verkennen voor noodsteunpunten in Nederland, mocht de nood aan de man komen. Wat dat kan betekenen heeft Ivonne Vliek van de Veiligheidsregio Utrecht aan het begin van de avond geschetst: bij langdurige stroomuitval zitten mensen vast in liften, vallen medische apparaten uit, gaan winkels dicht, is telefoneren en pinnen onmogelijk, en gaan spoorbomen en ophaalbruggen ook niet meer open.

Patrick van der Hijden en Pavlo Gorokhovskyi – Foto: Lize Kraan

Noodsteunpunten vormen dan het vangnet. Als niets meer werkt, kun je daarnaartoe. Ze bieden informatie, zorgen ervoor dat mensen in verbinding met elkaar kunnen blijven en bieden morele steun. Er is al een proef mee gedaan in Utrecht (in de wijk Ondiep) en uiteindelijk is het de bedoeling dat er zo’n 3600 komen in heel Nederland – in brandweerkazernes, buurthuizen of sportkantines. De locatie van de bijeenkomst, A Beautiful Mess, in het voormalige Militair Hospitaal, wordt door de aanwezigen ingericht als fictief noodsteunpunt. (Waar komt de elektriciteit, en hoe? Uit een batterij? Een zonnepaneel?)

Uiteindelijk wordt zoiets toch een ontwerpopgave, zo blijkt. De gemaakte schetsen gaan na afloop van de bijeenkomst dan ook naar de Veiligheidsregio Utrecht en het Ministerie van Justitie en Veiligheid, zo laat moderator Patrick van der Hijden, kwartiermaker Weerbare Samenleving voor PONT, de deelnemers weten. De rode draad: wees flexibel. Ga niet ontwerpen voor ontwikkelingen die je toch niet kent. En: sluit aan op bestaande buurtinitiatieven, versterk vooral bestaande netwerken. Net als in Oekraïne dus, zegt Pavlo Gorokhovskyi. ‘Van de overheid kun je niet alles verwachten. Mensen doen het zelf. In Oekraïne is er geen design, maar ook geen paniek.’

Foto’s

Foto: Lize Kraan

Hend Charaf en Anneloes de Koff (Studio Antidote) – Foto: Lize Kraan

Foto: Lize Kraan

Foto: Lize Kraan

Foto: Lize Kraan

Ivonne Vliek (Programmaleider veerkracht, Veiligheidsregio Utrecht) – Foto: Lize Kraan

Patrick van der Hijden (Kwartiermaker Weerbare Samenleving voor PONT) en Pavlo Gorokhovskyi (Ukraine – the Netherlands Urban Network) – Foto: Lize Kraan

Wesley Verhoeven (FABRICations) – Foto: Lize Kraan

Foto: Lize Kraan

Foto: Lize Kraan

Foto: Lize Kraan

Pim Kupers (H+N+S) – Foto: Lize Kraan

Irina van ’t Klooster (ARCAM) – Foto: Lize Kraan

Ook interessant: