Datum: 18-02-2026
Hoe geven we ruimte aan de groei van Utrecht met oog voor het karakter van de stad? Op 10 februari organiseerden AORTA en de gemeente Utrecht een verdiepend gesprek over de nieuwe Nota Omgevingskwaliteit die momenteel in de maak is. In De Hondekop in Wisselspoor, bogen ruim 40 deelnemers, waaronder architecten, ontwikkelaars en geïnteresseerde stadsgenoten zich over de vragen: hoe gaat de conceptnota eruitzien? Werken de uitgangspunten, en wat kan beter? De opbrengst van de avond vormt waardevolle input voor de verdere uitwerking van de nota.
Na het welkom door de kersverse directeur van AORTA, Michelle Gulickx, ging wethouder Eelco Eerenberg dieper in op het ‘karakter van Utrecht’, wat ook de naam wordt van de nieuwe nota. Hij benadrukte het belang van het Utrechtse karakter in een tijd van groei en verdichting. Hoe geven we nieuwe wijken kwaliteit? Is dat gebaseerd op een bestaande identiteit of is er ook ruimte voor vernieuwing? En hoe maken dit hanteerbaar in de praktijk? Hij riep de aanwezigen op om mee te denken over spelregels die richting geven én ruimte laten voor ontwerpvrijheid.

Eelco Eerenberg (Foto: Rogier Boogaard)
COU
Vervolgens lichtte Esther Vlaswinkel van de Commissie Omgevingskwaliteit (COU) Utrecht het werk van de commissie toe. De COU adviseert het gemeentebestuur over omgevingsvergunningen en over de kwaliteit van de fysieke leefomgeving in brede zin. De nieuwe nota gaat fungeren als toetsingskader bij de beoordeling van vergunningaanvragen. Naast de kwaliteit van bouwwerken is er meer aandacht voor leefomgeving, duurzaamheid en aansluiting op de Omgevingswet en de Stedenbouwvisie. Ook kwam de nieuwe rol van de commissie aan bod: eerder in het proces, meer in dialoog en gericht op aanjagen, begeleiden en stimuleren.

Foto: Rogier Boogaard
Identiteiten
De opzet van de nieuwe Nota Omgevingskwaliteit werd toegelicht door Leah Wiederholdt van de gemeente Utrecht. De huidige welstandsnota (2004, herzien in 2016) is toe aan vervanging en maakt plaats voor een integraal wegingskader voor omgevingskwaliteit. De identiteit van een wijk of gebied wordt daarbij zoveel mogelijk behouden en versterkt. Voor de hele stad gelden straks algemene criteria en daarnaast zijn er gebiedsgerichte criteria, waaronder gebiedstypen, structuren en erfgoed. Hoe meer lagen een bouwplan raakt, hoe meer criteria van toepassing zijn. Dit vraagt om een zorgvuldige afweging van kwaliteit. De nota wordt digitaal ontsloten, zodat initiatiefnemers eenvoudig kunnen zien welke criteria op hun project van toepassing zijn.

Foto: Rogier Boogaard
Aan de slag
Na een korte toelichting door gespreksleider Tako Postma gingen de deelnemers in groepen uiteen om de criteria te verkennen en te bespreken welke onderdelen ontbraken of verbeterd konden worden. Er werd onder meer gesproken over de balans tussen begrenzing en ontwerpvrijheid en over het onderscheid tussen harde eisen en inspiratie. In een van de groepen werd bijvoorbeeld de vraag gesteld of er voldoende rekening wordt gehouden met de sociale implicaties van een ruimtelijke ingreep, en of deze ook in een criterium opgenomen zouden moeten worden.
Conclusie
De avond werd gekenmerkt door levendige gesprekken en een open uitwisseling van ideeën. De vele inzichten, aandachtspunten en suggesties zijn waardevol voor het vervolgproces richting vaststelling van de nieuwe nota, die in de loop van 2026 wordt verwacht.
Foto’s

Michelle Gulickx, AORTA (Foto: Rogier Boogaard)

Esther Vlaswinkel, Commissie Omgevingskwaliteit Utrecht (Foto: Rogier Boogaard)

Foto: Rogier Boogaard

Foto: Rogier Boogaard

Foto: Rogier Boogaard

Foto: Rogier Boogaard

Foto: Rogier Boogaard

Foto: Rogier Boogaard

Foto: Rogier Boogaard