Voor deze wedstrijd heb ik het idee om de jas om het transformatorhuisje op te bouwen uit typische Utrechtse woorden en uitdrukkingen.
Ik werk al langere tijd aan een beeldserie rondom Utrechtse taal en gezegdes, die veel herkenning en enthousiasme oproept. Het lijkt me daarom heel passend, verfrissend en vrolijk om deze beeldtaal te vertalen naar de buitenkant van het transformatorhuisje.
Er zijn verschillende manieren waarop dit vorm kan krijgen. Zo kun je denken aan een mozaïek van kleinere kaarten — als tegels die samen een geheel vormen — maar ook aan een serie grotere beelden. Op dit moment heb ik achttien kaarten ontwikkeld met verschillende woorden en uitdrukkingen, die zich goed lenen voor beide toepassingen. De kleuren rood, wit en geel — de kleuren van de gemeente Utrecht — vormen hierbij een krachtig en herkenbaar uitgangspunt.
Wat ik daarbij belangrijk vind, is dat het werk inclusief is. In de serie zitten kaarten die speciaal zijn gemaakt voor doven en slechthorenden, en er is een kaart in braille. Mijn voorstel is om deze ook daadwerkelijk voelbaar te maken op het huisje, zodat het werk niet alleen zichtbaar, maar ook tastbaar wordt. Daarnaast zou je een extra kaart kunnen toevoegen waarin de uitdrukkingen kort worden toegelicht.
Vanuit deze basis zie ik nog een aantal mooie uitbreidingen. Ten eerste zou je via een QR-code bezoekers kunnen uitnodigen om hun eigen favoriete Utrechtse woord of uitdrukking in te sturen. Deze kunnen vervolgens weer worden verbeeld en toegevoegd, waardoor de ‘jas’ zich blijft ontwikkelen — een levend werk dat met de stad meegroeit.
Als tweede uitbreiding denk ik aan een speels en typisch Nederlands element: een ‘snackmuurautomaat’. Bezoekers zouden via contactloos betalen een kaart kunnen trekken en meenemen. Daarmee wordt het transformatorhuisje niet alleen iets om naar te kijken, maar ook een plek waar je iets kunt ervaren en meenemen.
Het ontwerp kan verder worden verrijkt met twee ruimtelijke elementen. Zo stel ik voor om een 3D-geprinte dakhôas toe te voegen die op een hoek van het huisje staat of lijkt te bewegen.
Daarnaast zie ik een kans om een interactieve selfieplek te creëren, geïnspireerd op de relingen langs de Oudegracht. Bezoekers kunnen hier als het ware ‘hangen’ en zichzelf positioneren als baliekluivers — een verwijzing naar de bekende Utrechtse uitdrukking en het beeld, gemaakt door Ad Jenner.
Hiermee wordt de jas niet alleen visueel en tastbaar, maar ook sociaal en speels in gebruik.
Op deze manier ontstaat een werk dat geworteld is in de taal en cultuur van Utrecht, dat uitnodigt tot interactie, en dat steeds in beweging blijft.
Ik ben heel benieuwd wat jullie hiervan vinden.